Annabelle in Japan

dinsdag, november 28, 2006

Winter in Japan betekent volop nabe!! Ik heb mijn bed opgevouwd tot een heuse zetel en mijn hele appartement opgeruimd om plaats te maken voor acht mensen die vanavond samen nabe gaan eten… (hoe ik deze mensen ga placeren zal een uitvinding van het moment worden, want ik heb slechts een hoge tafel en een zetel en twee stoelen…) Vorige week kwam Yamachan, toen we op maandagnamiddag na het middageten richting Shimokitazawa, mijn favoriete plaats in Tokyo waren getrokken om een thee te drinken in een Belgische wafelzaak (Iedereen ligt er hier plat van trouwens! Een kleine anekdote: vorige week ben ik effectief op zoek gegaan naar de goeie geur die ik al langere tijd bespeurde in het station in Shibuya en het blijkt wel degelijk een Belgische wafelzaak te zijn!), op het idee om met z’n allen nabe te maken. Voor degene niet weten wat het is, letterlijk betekent het een kookpot. Je kan er van alles in stoven, maar de basis is een soort bouillon van miso, dashi en soya waarin je groenten, tofu en vlees kookt. Soms doen ze er ook soba bij, als het geheel een tweede keer opgewarmd wordt. http://en.wikipedia.org/wiki/Nabemono Nabe is altijd wel gezellig, heb op donderdagavond en zaterdagavond ook nabe gesmuld en het creëert altijd een aparte sfeer omdat je samen het eten maakt.

Donderdag was het dag van de arbeid en dus weeral vrijaf. Jen en Stijn hadden de plaatsen op een rijtje gezet in Tokyo die we nog niet gezien hadden en we besloten die dag Ueno Koen een bezoekje te brengen. Het park in het centrum van Tokyo herbergt momenteel een pracht en praal aan verkleurende herfstbladeren. Daarnaast was er ook een tentoonstelling lopende van een hele gekke verzameling Belgische kunst (Brueghel en Magritte?). Maar ik had het er dan toch meer voor om een permanente Japanse kunstcollectie te gaan bekijken en dat bleek een heel bevredigende keuze te zijn! Voor de eerste maal in mijn leven mocht ik blokdrukprenten van Sharaku zien J Daarnaast waren er prachtige Noh-maskers en bijhorende schitterde kimono’s, mooie kalligrafie en sobere byobu of kamerschermen. Toen het sluitingsuur al veel te vroeg kwam aantikken, hebben ze ons letterlijk buitengekickt… Ik vrees dat de meisjes te lang in het toilet bleven plakken en de bewakers stonden met drie aan de deur van het toilet te wachten, om ons naar beneden en naar buiten te begeleiden…

Op zaterdag hebben we dan die andere plaats van het verlanglijstje bezocht: Odaiba. Miki was deze keer onze gids. Odaiba is een artificieel eiland in Tokyo Bay en ligt dus eerder buiten het centrum in het zuiden aan de zee. Er is geen strand, maar wel een soort van pier. Er zijn grote shoppingscentra, het futuristische Fuji Television Gebouw (wat me een beetje deed denken aan het atomium) , Statue de la Liberté en The Rainbow Bridge. New York, Los Angeles, oud en nieuw Japan in één. Dit geheel was gedompeld in een zee van zonlicht, dus we hebben naar hartelust de toerist kunnen uithangen en foto’s nemen. Van dit alles was het panorama de beste herinnering. Daarna was er in een van die gebouwen een verdiep die ingericht was als traditioneel Japan waar ze ongelooflijk veel originele omiyage of souvenirtjes hadden. In dit alles heb ik mijn hart dan toch even verkocht aan Belgische Godiva-chocolade… Die donkere chocolade milkshake zag er zo decadent lekker uit, dat ik hem niet aan mij voorbij kon laten gaan!

Op zondag ben ik niet naar de rommelmarkt met de bijutsuclub kunnen gaan, omdat ik mijn huiswerk echt af wou maken. Daarnaast had ik ook aan Tine beloofd om te lunchen in Takadanobaba. Het werd een overheerlijke en bijzonder betaalbare Indische curry. Een Nederlandstalige tetternamiddag kon me wel bekoren.

Het lijkt inderdaad of ik hier niets anders doe dan eten, maar nu het winterseizoen hier is ingezet lijken mensen echt andere maaltijden te nuttigen. Aangezien naast eten de routine in het dagelijkse leven inmiddels gelukkig al gevestigd is, en ik liever over de nieuwe en leuke ervaringen vertel, gaat het volgende dus nogmaals over eten. Stijn en ik hadden gisteren afgesproken met Mei en Megumi om naar Korean Town te gaan in Shinokubo. Dit was vooral omdat ik vorige keer had verteld dat ik nogal geïnteresseerd ben in Korea, maar tot mijn schaamte nog geen Koreaans eten geproefd had. Bijgevolg zaten we gisteren met zijn zessen op de grond aan een veel te lage tafel in ongemakkelijke seiza (de Japanse en blijkbaar ook Koreaanse zitwijze) met een bol Kimchi voor onze neus. Awtch, was me dat een pijnlijke ervaring. Ik ben tamelijk bestand tegen pikante gerechten, maar dit was me toch een uniek. De enige drijfveer die we op den duur hadden is: volhouden, dit is gezond! Het leek wel Enschede in mijn mond. Wie Korea en Japan over dezelfde kam scheert, heeft het alvast op een punt verkeerd, en dat is het voedsel!

De enige verrijkende (en dan vooral in calorieën) maaltijd waar ik jullie de volgende keer waarschijnlijk over zal vertellen, die in het verschiet ligt is keekietabehoudai. Zoveel zoetigheid eten als je maar kan en dat als middagmaal… Crazy, als je ’t mij vraagt…

1 Comments:

At maandag, december 04, 2006 5:04:00 p.m., Blogger Michael said...

Het wilt wel zeggen dat ge u kookunsten moet tonen... Ik kijk er al naar uit!

 

Een reactie posten

<< Home