Annabelle in Japan

donderdag, oktober 12, 2006

ALLES IS RELATIEF

Als ik nu in Fukuoka zat, was ik nu halfweg. Maar ik ben in Tokio en ben nu bijna volledig gesetteld.
Of de eeuwige internetverbinding: iedereen heeft het idee dat Tokio een hele moderne en vooruitstrevende stad is, maar aan mijn voeten staat hier een bak, modem genaamd met veel te veel draden waar je in verstrikt geraakt en waar geen spettertje connectie met dat wereldwijd web uitkomt, aangezien meneer de provider hier niet op hetzelfde moment is aangevraagd. Om het kort samen te vatten, na anderhalve week te wachten op dit voorhistorische nieuwe huisdier rechts naast me, is het nog eens elf dagen wachten tot het begint te blaffen. Amusant is anders.

Maar een eenzame ryuugakusei (buitenlandse student) getroost zich met menig ander amusement. Deze avond heb ik me dan maar een lekker maal gekookt. Ik heb de gemakzucht aan de kant geschoven, mijn splinternieuwe pan voor de eerste maal uit het papier gehaald en een preparatie bekokstoofd. Eerst ben ik naar het kersverse “Odakyu-Entertainment” warenhuis gegaan, alle heerlijke luxevoedsel aandachtig bestudeerd en nagedacht wat ik daar zonder kookboek mee kon aanvangen. (Ik weigerde steevast een opwarmmaaltijd of iets dergelijks te kopen) Ik heb dan onbezonnen enkele ingrediënten gekocht; maar tot mijn grote teleurstelling bleek eenmaal thuisgekomen mijn zoektocht niet zo succesvol. De overheerlijke olijfolie bleek dan toch azijn te zijn. Ach ja, ik stel me snel tevreden en heb de bamboeachtige scheuten gestoofd in azijn (ik beeldde me dan in dat het anderskleurige soya was en het smaakte nog wel goed hoor), daarnaast de enokichampignonnen gestoofd en bij dat alles een soort Italiaanse tomatenconsommé gekapt. Mijn maal met de echte Hollandse Goudakaas erop gesmolten, smaakte ongelooflijk. Zelfs de afwas was leuk en bracht zo’n groot enthousiasme met zich mee dat ik maar meteen heel mijn appartement van kop tot teen gekuist heb. Ik mijmerde terug naar de zomer toen ik nog een kuisvrouw was en menig Fortisbank gelekt heb achter gelaten J.
Ook het weekend brengt steeds weer andere ervaringen, wat nogal evident is, aangezien alles hier nieuw voor me is en opgebouwd moet worden. Mijn voornemen om de hele zaterdag te spenderen in de computerklas en op te zoeken voor mijn thesis (waar ik geen beginnen aan weet) smolt als sneeuw voor de zon. De 29° C konden me meer dan bekoren na de helse tyfoondagen en na het zwemmen besloot ik toch met Jen en Maisan mee naar Harajuku te gaan. Maisan is een hele lieve vierdejaarsstudente die vorig jaar aan Sheffield University ryuugakusei was en zo Jen kent, die daar dus studeert. Ze heeft ons doorheen de stad geleid (hoewel ik die al eerder verkend had, is een rondleiding door een Japanse altijd plezant) en we zijn ook de schrijn Meijijingu gaan bekijken. Als door het toeval geleid, was er juist een Kekkonshiki (trouwerij) aan de gang en hadden we de fantastische gelegenheid om van de prachtige ceremonie een stukje mee te pikken. Ik voelde me net als Scarlet in LIT…

’s Avonds was er een kangeikonpa (welkomstfeestje) in Shibata Mansion voor de ryuugakusei. Shibata mansion is de plaats waar Stijn en Julien (de andere twee ryuugakusei van Seijo) logeren en Usukusan had me echt aanbevolen er heen te gaan. Daar aangekomen werden we hartelijk verwelkomd door Shibatasan en zijn vrouw en stond er bier klaar om te toasten en veel te veel lekker eten van verschillende landen (Mexico, China, Bangladesh en Japan). Alle ingrediënten voor de geslaagde avond die het ook geworden is. De laatste trein bracht ons terug naar huis en de volgende ochtend waren we weer fris om Ginza te bezoeken. Ginza is gelegen in het centrum van Tokio (je hebt het noorden, het centrum en het westen, ik bevind me ten Westen). Kenjisan had me beloofd gids te zijn. Kenjisan is een enthousiaste kunststudent van Seijo die volgend jaar in Engeland of België wil komen studeren, en op zijn eentje al vele stukken van de wereld heeft gezien. Hij spreekt verwonderlijk goed Engels, wat een grappige mix maakt als je ons gedrieën hoort converseren (Engels Japans). Zo’n schitterende gids was hij toch niet, maar ik heb alles wat ik van de stad wou zien onder ogen gekregen, zij het niet altijd op de meest eenvoudige manier. Maar dat maakt het zondagstoerisme des te leuker. De Hodoushatengoku (voetgangershemel = straten waar in het weekend geen auto’s mogen rijden) was gezellig druk, de gebouwen indrukwekkend verzorgd, Pierre Marcolini’s winkel zo mogelijk nog grootser (drie volle verdiepen en wel 45 Japanners in een wachtlijn voor de deur) en de theaters inspirerend (kabuki versus Takarazuka spreekt me heel erg aan als thesisonderwerp, maar daarover heel misschien later meer..) ’s Avonds begaven we ons richting Shinjuku om te genieten van spijs en drank in een izakaya die de bevallige gedachte van Kyoto opriep. Naar Jen en Kenji’s believen (hij is een huge UK-fan) sloten we de avond af in een echte English Pub.
Op maandag was het National Holiday, dus geen les noch werk. Jen, Kenji en ik hadden dan afgesproken voor een late lunch in het mooie Chinese restaurant in het spiksplinternieuwe, trendy shopping centrum, Seijo Corty.

De week vol aangename en minder aangename verrassingen was zo meteen terug ingeluid.
In alle hoekjes en kantjes zitten japanners verstopt die je ineens aanspreken en toch interesse blijken te hebben. In het begin is iedereen zowat bang je aan te spreken, denk ik. Je valt toch een beetje op hoor als vier enige blanke tussen al die zwartkopjes. Hoe dan ook, dat kunnen ze niet ontkennen. Toch sprak ons aanvankelijk niemand aan. Maar nu blijkt het tij te keren en dikt mijn telefoonboek zich wel aan. Alles is relatief.

Mijn vast telnummer: (0081) +3 3482 0023

Try this out: www.sweetkwizien.be

1 Comments:

At donderdag, oktober 12, 2006 5:11:00 p.m., Blogger David Morival said...

Dag bellewelle,
ik hoop dat je snel je inetverbinding zult hebben! Ik heb de mijne ook pas volgende week, met enige vertraging.
Voor de rest alles ok daar? ;-)

 

Een reactie posten

<< Home